Wie in Brussel rondloopt, kan er niet om heen. Tweedehandswinkels met jeans van Levi’s, vintage leren jassen en een eighties hit op de achtergrond. Hergebruikte kleding heeft een duurzaam imago. Alleen is de duurzaamheid volgens milieu-experte Marie Das twijfelachtig wanneer een kledingstuk eerst duizenden kilometers aflegt voor het in de winkel belandt.
“Vanaf het moment dat kledij de wereld heeft moeten afreizen is het eigenlijk niet duurzaam meer”, vertelt Das. Zij schreef haar thesis over de duurzaamheid van kledij. Je moet jezelf dus de vraag stellen waar winkels hun kledij vandaan halen.

Wat wij uitvlooiden: Oxfam, Spullenhulp en hun Vlaamse tegenhanger Kringwinkel gaan hun kleren lokaal ophalen en herverdelen. “Er komt kleding binnen via kledingcontainers op straat, geefpunten in de winkels en soms ook containers op recyclageparken,” vertelt Sven Antheunis, textielverantwoordelijke bij De Kringwinkel. Daarnaast hebben ook Spullenhulp en Oxfam eigen kledingcontainers.
Onzichtbare kilometers


Johannes Eneman in het Vilvoordse sorteercentrum van Oxfam.
In het Vilvoordse sorteercentrum van Oxfam staat, tussen de kleurrijke stapels kleren, textielverantwoordelijke Johannes Eneman: “Hier komt jaarlijks 800 ton kledij binnen via schenkingen in onze winkels en donaties aan de containers.” Terwijl een kraan gigantische bakken kledij uitschudt op de lopende band, vertelt Eneman hoe ze tewerk gaan “De kleding wordt gesorteerd en deels herverdeeld naar onze winkels, waarvan 7 in Brussel.” Een derde van deze kledij wordt ook naar Afrika geëxporteerd, al maakt Johannes er wel een punt van dat dit bewust gebeurt: “We proberen alleen maar stukken naar daar te sturen wanneer ze er echt om vragen. Al die kledij is ook echt herbruikbaar. Als het goed is voor de consument hier, dan is het ook goed voor de mensen daar”.
Commerciële winkels zoals Think Twice gaan anders te werk. Een reactie van hun hoofdkantoor bleef jammer genoeg uit, maar op de site van Think Twice is te lezen dat hun kleding over heel Europa beschikbaar is. Hier staat ook dat ze samenwerken met Humana People to People, een textielverdeler met hoofdkantoren in Zimbabwe en Zwitserland en sorteercentra in Litouwen. Sinds kort kan je zelfs tweedehandskledij van over heel Europa bestellen en laten leveren aan huis. Volgens milieuexperte Marie Das gaat dit het principe van duurzaamheid volledig tegen: “Think Twice bijvoorbeeld, die kleren komen uit het buitenland. Je denkt dat je duurzaam bezig bent door tweedehands te kopen, maar de CO2-uitstoot die dat meebrengt maakt het dan weer vervuilend.”

Duurzaam online
Ook Vinted is een bekend platform voor de aankoop van gebruikte kledij. Dit initiatief is volgens Das iets heel moois, toch is het jammer dat het het kopen van stukken uit Spanje even makkelijk maakt dan die uit eigen land: “Je kan via Vinted duurzaam te werk gaan door te kijken waar je stuk vandaan komt, probeer zo veel mogelijk uit België zelf te kopen. Vanaf het moment dat je kledij de wereld heeft moeten afreizen, is het eigenlijk niet duurzaam meer.” Lokaal kopen is dus de boodschap. Naast de afstand is vooral bewust kopen belangrijk: “Vinted is begonnen als een heel goed initiatief, we kunnen de makers van die app niets kwalijk nemen. Het probleem is dat mensen daar nu ook op overconsumeren. Tweedehands kopen is pas duurzaam als het een nieuw kledingstuk vervangt, niet als het je meer doet kopen door de lagere prijs”,vertelt Das.
Conclusie? Je gaat het meest duurzaam tewerk door je kledij heel lang te gebruiken, te herstellen en vooral bewust om te gaan met je aankopen. Wanneer je die aankoop nog eens tweedehands en lokaal maakt, mag je zeker zijn van een milieubewuste beslissing.
Wow, interessant zeg !